Voor maatschappelijke organisaties

Je wilt meer inkomsten. Waar begin je?

Er zijn zeven manieren waarop een maatschappelijke organisatie aan geld komt. Ze vragen alle zeven iets anders van je, ze leveren verschillend soort geld op, en ze kosten verschillend veel tijd voordat er iets binnenkomt. Deze pagina zet ze op een rij, zodat je kunt zien welke bij jullie situatie past.

Doe de inkomstenmix-scan

De zeven geldstromen

De meeste organisaties leunen op één of twee. Dat is begrijpelijk, want elke stroom vraagt zijn eigen werk. Maar het maakt je kwetsbaar, en het betekent bijna altijd dat er ergens ruimte ligt die je niet gebruikt.

Particuliere donateurs

Vrij besteedbaar

Mensen die uit zichzelf geven, eenmalig of maandelijks. Dit is het geld waar niemand een bestemming aan koppelt, dus het geld waarmee je de organisatie zelf overeind houdt. Het groeit in drie stappen: mensen leren je kennen, ze doen een eerste gift, en ze blijven. Die derde stap is waar het meestal misgaat.

Eerste stap die niets kost: Doe zelf een testdonatie op je telefoon en tel de stappen tot en met de bevestiging. Elke stap die je schrapt, scheelt afhakers.

Vraagt van je
Bereik buiten je eigen achterban
Doorlooptijd
Eerste giften binnen maanden, een vast bestand duurt jaren
Werkt vooral als
je een herkenbaar verhaal hebt en zichtbaar bent voor mensen die je nog niet kennen
Let op
zonder ANBI-status kunnen gevers hun gift niet aftrekken

Grote gevers en periodieke schenkers

Vrij besteedbaar

Een kleine groep mensen die een substantieel bedrag geeft. Dit is een aparte discipline, geen intensievere versie van donateurswerving: het draait om persoonlijk contact en om laten zien wat er met het geld gebeurt. Het sterkste instrument is de periodieke schenking. Wie vijf jaar vastlegt mag zonder drempel aftrekken, waardoor een gever vaak meer kan geven voor hetzelfde nettobedrag. En jij weet vijf jaar vooruit waar je op kunt rekenen.

Eerste stap die niets kost: Loop je donateursbestand door en noteer wie er al jaren geeft. Die handvol namen zijn je beste kandidaten voor een periodieke schenking, en een belletje kost niets.

Vraagt van je
Kunnen laten zien wat je werk oplevert
Doorlooptijd
Maanden per relatie, en het begint bij mensen die je al kent
Werkt vooral als
je al donateurs hebt die je bij naam kent en persoonlijk kunt benaderen
Let op
een periodieke schenking vastleggen kan alleen bij een ANBI

Vermogensfondsen

Vastgelegd

Particuliere fondsen die hun vermogensopbrengst uitkeren aan projecten die bij hun eigen beleid passen. Ze kiezen niet het beste doel, maar de aanvraag die het beste aansluit. Daarom telt selectie zwaarder dan volume: vijf gerichte aanvragen doen doorgaans meer dan twintig algemene. Vraag standaard of er ruimte is voor een bijdrage in de organisatiekosten, anders financier je het project maar niet de organisatie die het uitvoert.

Eerste stap die niets kost: Vraag bij je volgende aanvraag standaard een bijdrage in de organisatiekosten. Veel fondsen staan dat toe, maar alleen als je erom vraagt.

Vraagt van je
Kunnen laten zien wat je werk oplevert, plus een projectplan en een begroting
Doorlooptijd
Weken tot maanden per aanvraag, afhankelijk van de vergadercyclus van het fonds
Werkt vooral als
je een afgebakend project hebt met een duidelijk begin en eind
Let op
de meeste fondsen vragen een ANBI-status

Overheidssubsidies

Vastgelegd

Gemeente, provincie, Rijk of Europa. Dit is de meest structurele geldstroom die er is en tegelijk de meest kwetsbare, want beleid verandert. Gemeentelijke en provinciale regelingen zijn vaak toegankelijker dan mensen denken en worden minder aangevraagd dan landelijke. Daar staat tegenover dat de verantwoording zwaar is en dat de looptijd meestal vastligt.

Eerste stap die niets kost: Zoek de subsidieregelingen van je eigen gemeente en provincie op. Die worden minder aangevraagd dan landelijke regelingen en sluiten vaak beter aan dan je denkt.

Vraagt van je
Kunnen laten zien wat je werk oplevert, en een administratie die dat kan onderbouwen
Doorlooptijd
Reken op twintig tot veertig uur voor een gemiddelde aanvraag, meer bij grote bedragen
Werkt vooral als
je werk aansluit op een beleidsdoel dat de betreffende overheid al heeft geformuleerd
Let op
het Rijk stuurt actief op minder subsidieafhankelijkheid, zie hieronder

Bedrijven en sponsoring

Deels vrij

Bedrijven geven zelden uit liefdadigheid. Ze zoeken een verhaal dat past bij hun medewerkers en klanten, en iets tastbaars om terug te krijgen. Zodra je aanbod een tegenprestatie en een prijs heeft, wordt het een zakelijk gesprek in plaats van een verzoek om een gunst, en dat is een gesprek dat bedrijven wel kennen. Familiebedrijven zijn de meest kansrijke groep.

Eerste stap die niets kost: Schrijf in twee zinnen op wat een bedrijf bij jullie krijgt voor een vast bedrag. Lukt dat niet, dan weet je precies waar je moet beginnen.

Vraagt van je
Een concreet aanbod met een prijs
Doorlooptijd
Weken tot maanden per bedrijf, en het aanbod maak je één keer
Werkt vooral als
je iets kunt bieden waar de medewerkers of klanten van een bedrijf zich mee verbonden voelen
Let op
sponsoring en een gift zijn fiscaal niet hetzelfde, laat dat vooraf uitzoeken

Eigen inkomsten

Vrij besteedbaar

Geld dat je zelf verdient met trainingen, dienstverlening, verhuur, deelnemersbijdragen of verkoop. Dit is de vrijste euro die er bestaat: niemand bepaalt waar hij heen gaat en niemand vraagt achteraf om verantwoording. Het is ook de enige stroom die kan groeien zonder dat je iemand om iets hoeft te vragen. Daar staat tegenover dat het iets vraagt wat fondsenwerving niet vraagt, namelijk een aanbod met een prijs en iemand die het verkoopt.

Eerste stap die niets kost: Noteer de drie vragen die andere organisaties jullie het vaakst stellen. Waar mensen om advies vragen, zit bijna altijd iets wat je kunt aanbieden.

Vraagt van je
Een concreet aanbod met een prijs
Doorlooptijd
Maanden om iets neer te zetten, daarna schaalbaar
Werkt vooral als
je kennis of faciliteiten hebt waar buiten je doelgroep ook vraag naar is
Let op
commerciële activiteiten mogen, zolang de opbrengst naar het doel gaat en het binnen je statuten past

Nalatenschappen

Vrij besteedbaar

Nalaten is geen campagne maar een gevolg. Mensen nemen een organisatie op in hun testament omdat ze zich er jaren mee verbonden voelen, en omdat ze weten dat het kan. Dat tweede is het makkelijkst op te lossen, want de meeste organisaties benoemen het simpelweg nooit. Een heldere pagina en een terugkerende vermelding zijn de hele eerste stap. Dit is de stroom met de langste adem en de hoogste bedragen per gever.

Eerste stap die niets kost: Zoek op je eigen website naar het woord nalaten. Staat het er niet, dan is één heldere pagina genoeg om te zorgen dat mensen weten dat het kan.

Vraagt van je
Bereik, en verhalen die jaren blijven hangen
Doorlooptijd
Jaren, en dat is geen reden om te wachten maar de reden om te beginnen
Werkt vooral als
je een achterban hebt die zich langdurig met jullie verbonden voelt
Let op
zonder ANBI-status betaalt de erfenis erfbelasting

En de achtste: loterijen

Goededoelenloterijen zijn in het onderzoek een van de vijf grote geldbronnen, en dragen jaarlijks honderden miljoenen af. Voor de meeste maatschappelijke organisaties is dat geen realistische route, want vast beneficiant worden is aan een beperkte groep voorbehouden. Wat wel bereikbaar is, zijn de project- en buurtregelingen die sommige loterijen daarnaast hebben. Daarom staat deze stroom niet in de scan.

Wat het onderzoek laat zien

Zes bevindingen die bepalen waar op dit moment de ruimte zit.

De bereidheid is er, maar op een directe vraag zegt bijna niemand meer ja

Geven is niet uit de mode: in 2024 gaf 76 procent van de Nederlandse huishoudens geld of goederen. Wat wel veranderde is de reactie op een directe vraag. In 2006 gaf 81 procent na een verzoek, in 2024 nog 34 procent. En minder mensen krijgen die vraag, van 60 naar 41 procent. De bereidheid is er. De vraag moet beter staan.

Bron: Geven in Nederland 2026, Vrije Universiteit Amsterdam.

Minder mensen geven, en zij geven meer

Het gemiddelde giftbedrag onder gevende huishoudens steeg naar 415 euro, terwijl het aandeel huishoudens dat geeft daalde. Gevers zijn vaker ouder, hoger opgeleid en welgestelder. Een steeds kleinere groep draagt dus een steeds groter deel. Dat verandert wat werkt: persoonlijk contact met een kleine groep levert meer op dan een grotere campagne naar iedereen.

Bron: Geven in Nederland 2026, Vrije Universiteit Amsterdam.

Nalatenschappen groeien al jaren, en de groei versnelt

Goededoelenorganisaties ontvingen in 2024 minimaal 512 miljoen euro uit erfenissen. De groei is structureel: gemiddeld 4 procent per jaar sinds 2001, 8 procent per jaar sinds 2018 en 13 procent per jaar tussen 2022 en 2024.

Bronnen: Geven in Nederland 2026 en Feiten en Cijfers 2024, Goede Doelen Nederland.

Bij vermogensfondsen telt gerichtheid, niet volume

Vermogensfondsen besteedden in 2024 in totaal 733 miljoen euro, waarvan een relatief kleine groep grote fondsen het grootste deel voor zijn rekening neemt. Vijf aanvragen die echt aansluiten op het beleid van een fonds doen doorgaans meer dan twintig algemene.

Bron: Geven in Nederland 2026, Vrije Universiteit Amsterdam.

De overheid stuurt actief op minder afhankelijkheid

Waar bij subsidies nu vaak om minstens 25 procent eigen inkomsten wordt gevraagd, wil het kabinet die eis voor het nieuwe beleidskader voor maatschappelijke organisaties naar minstens 50 procent brengen. Wie nu vooral van subsidie leeft, heeft daarmee een concrete aanleiding om een tweede stroom op te bouwen.

Bron: Rijksoverheid, nieuwsbericht over het nieuwe subsidiekader voor maatschappelijke organisaties.

Bij bedrijven zit de groei in één specifiek segment

In 2024 droeg 44 procent van de bedrijven bij via sponsoring of giften, samen goed voor naar schatting 1,7 miljard euro. Terwijl bijdragen van bedrijven in het algemeen sinds 2008 dalen, laten familiebedrijven sinds 2014 juist een stijgende lijn zien.

Bron: Geven in Nederland 2026, Vrije Universiteit Amsterdam.

Drie dingen die elke stroom van je vraagt

Zeven stromen, maar ze leunen op maar drie voorwaarden. Ontbreekt de voorwaarde onder een stroom, dan is die stroom nu geen goede plek om te beginnen. Dan begin je bij de voorwaarde. Hieronder staat per voorwaarde waaraan je herkent dat het bij jullie de zwakke plek is.

Bereik: word je gevonden buiten je eigen kring?

Herken je dit?

  • Buiten de mensen die jullie al kennen heeft bijna niemand van jullie gehoord
  • Je plaatst wel berichten, maar er komt zelden reactie op
  • Mensen die zoeken naar wat jullie doen, komen niet bij jullie uit

Dan is dit jullie eerste stap, ook al voelt het als een omweg. Bereik levert op zichzelf geen euro op, maar zonder publiek blijft alles wat erna komt beperkt. Wat helpt: vindbaar worden in zoekmachines, structureel verhalen delen in plaats van incidenteel, en het gratis Google-advertentietegoed voor ANBI's benutten.

Stromen die hierop leunen: particuliere donateurs en nalatenschappen.

Onderbouwing: kun je laten zien wat je werk oplevert?

Herken je dit?

  • Een fonds wijst af zonder dat je begrijpt waarom
  • Je kunt goed vertellen wat je doet, maar niet wat het verandert
  • Je cijfers gaan over je activiteiten, niet over je resultaat

Fondsen, subsidieverstrekkers en grote gevers willen zien wat er met hun geld gebeurt. Zonder cijfers en verslagen blijft een aanvraag een belofte, en beloftes verliezen het van organisaties die kunnen aantonen wat ze hebben gedaan. Wat helpt: een meetplan waarmee je je resultaat structureel bijhoudt, en dat resultaat vervolgens leesbaar maken in een verslag of een visualisatie.

Stromen die hierop leunen: vermogensfondsen, overheidssubsidies en grote gevers.

Aanbod: heb je iets concreets met een prijs?

Herken je dit?

  • Een gesprek met een bedrijf eindigt steeds in "we denken erover na"
  • Je hebt geen prijzen, dus elk gesprek begint weer bij nul
  • Je vraagt om steun, in plaats van iets aan te bieden

Zonder uitgewerkt aanbod wordt elk gesprek een vraag om een gunst. Met pakketten, prijzen en een heldere tegenprestatie wordt het een zakelijk voorstel. Wat helpt: één keer goed uitwerken wat je te bieden hebt en wat het kost, plus een kernboodschap en iets tastbaars om achter te laten.

Stromen die hierop leunen: bedrijven en sponsoring, en eigen inkomsten.

Waarom vrij besteedbaar geld het verschil maakt

Meer geld ophalen is niet hetzelfde als meer kunnen doen. Dat hangt af van hoe vast het zit.

Projectgeld betaalt het project, niet de organisatie die het project mogelijk maakt. Bij de 235 organisaties in Feiten en Cijfers 2024 ging van elke gedoneerde euro gemiddeld 90 cent naar het doel. De overige 10 cent betaalt de fondsenwerving en administratie waar alles op draait, en bij geoormerkte bijdragen zit die er vaak niet in.

Zo ontstaat een cirkel die veel organisaties herkennen. Geen vrije ruimte, dus geen investering in nieuwe donateurs. Dus meer afhankelijkheid van projectgeld. Op papier groeit je omzet, in de praktijk krijg je het benauwder.

Daarom staan particuliere donateurs, grote gevers en eigen inkomsten in de scan vaak hoog, ook bij organisaties die vooral van subsidie of fondsen leven. Niet omdat het de grootste stromen zijn, maar omdat het de vrijste zijn.

Waar begin je

Vier vuistregels die de meeste tijd besparen.

1

Regel eerst je ANBI-status, als je die nog niet hebt

Zonder ANBI kunnen gevers hun gift niet aftrekken, kun je geen periodieke schenking vastleggen, vragen de meeste fondsen je niet eens te schrijven, en betaalt een nalatenschap erfbelasting. Vier van de zeven stromen zitten daarmee dicht. Dit is geen fondsenwervingsproject maar een randvoorwaarde.

2

Begin bij de stroom waarvan de voorwaarde al staat

Niet bij de stroom waar theoretisch het meeste geld ligt. Als je onderbouwing op orde is maar je bereik niet, dan is een fondsaanvraag kansrijker dan een donateurscampagne, ook al is dat laatste vrijer geld. Werk met wat je al hebt.

3

Bouw nooit meer dan twee stromen tegelijk op

Elke stroom vraagt eigen werk, eigen taal en eigen opvolging. Drie tegelijk betekent in de praktijk dat er geen enkele goed loopt. Kies er één om op te bouwen en één om te onderhouden.

4

Een stroom die al goed loopt verder optimaliseren levert meestal minder op

De grootste winst zit doorgaans in een stroom die je nog nauwelijks gebruikt, mits de voorwaarde eronder staat. Als je al structureel aanvraagt bij fondsen, is de tiende aanvraag zelden je beste investering.

De scan zet deze vier regels om in een volgorde die op jullie antwoorden is gebaseerd, en noemt per stroom drie projecten die je bij ons kunt uitzetten.

Hoe deze scan werkt

Geen rekenmodel, geen beloftes. Wel een volgorde en concrete projecten.

  • Je beantwoordt zeven vragen over waar jullie geld vandaan komt en drie over wat daarvoor nodig is: je bereik, je onderbouwing en je aanbod.
  • Elke stroom hangt aan één van die drie voorwaarden. Fondsen en subsidies vragen om onderbouwing, bedrijven en eigen inkomsten om een aanbod, particulieren en nalatenschappen om bereik.
  • De zeven stromen komen op volgorde. Bovenaan staat waar je het snelst iets merkt, niet waar theoretisch het meeste geld ligt. Daarbij weegt mee hoe vrij besteedbaar het geld uit een stroom meestal is.
  • Staat de voorwaarde onder de bovenste stroom er niet, dan zeggen we dat eerst. Dan begin je daar, en niet bij de stroom zelf.
  • Bij elke stroom horen drie projecten uit onze menukaart die je direct kunt uitzetten.
  • We noemen bewust geen percentages of bedragen. Wat een stroom oplevert hangt af van je doel, je achterban en je regio.

Wat dit wel en niet is

De sectorcijfers komen uit Geven in Nederland 2026 van de Vrije Universiteit Amsterdam, Feiten en Cijfers 2024 van Goede Doelen Nederland en de Rijksoverheid. Die cijfers van Goede Doelen Nederland gaan over 235 aangesloten organisaties, niet over de hele sector. Ze laten zien welke stromen groeien, niet wat één organisatie kan ophalen. Dat wordt nergens gemeten, en daarom doet deze scan er geen uitspraak over.

Jelle van den Dries van De Nieuwe Gevers

Hoe wij kunnen helpen

Met een goede professional kun je echt meters maken.

Via ons lidmaatschap plaats je ongelimiteerd projecten tegen een vast jaarbedrag, dus voor een fractie van de normale prijs van professionele hulp.

Ons netwerk telt meer dan 40.000 professionals: tekstschrijvers, ontwerpers, data-analisten, marketeers en fondsenwervers. Het geld halen jullie zelf op. Wij zorgen dat capaciteit geen reden meer is om het niet te proberen.

Plan een kennismaking met Jelle

Welke stroom biedt bij jullie de meeste ruimte?

Tien korte vragen. Je krijgt je zeven geldstromen op volgorde, met bovenaan waar werk nu het snelst iets oplevert, en per stroom drie projecten die je bij ons kunt uitzetten.

Doe de inkomstenmix-scan